Jantje logeert in de vakantie bij Emma, die hem opeens in de hoek van de kamer ziet staan. Emma vraagt waarom hij dit nu doet.
Jantje legt uit: 'Volgende week is de vakantie voorbij en moet ik weer naar school, dus ben ik alvast aan het oefenen.'
Jantje logeert in de vakantie bij Emma, die hem opeens in de hoek van de kamer ziet staan. Emma vraagt waarom hij dit nu doet.
Jantje legt uit: 'Volgende week is de vakantie voorbij en moet ik weer naar school, dus ben ik alvast aan het oefenen.'
Twee kleine kinderen zitten in de wachtkamer van het hospitaal.
De eerste zegt: "Mijn amandelen moeten eruit, ik ben een beetje zenuwachtig."
De tweede antwoordt: "Nergens voor nodig, de mijne werden uitgehaald toen ik vier was. Je wordt helemaal verdoofd en als je weer wakker wordt krijg je veel pudding en ijsjes. Fluitje van een cent!"
De eerste is gerustgesteld en vraagt de tweede waarvoor hij in het ziekenhuis is.
"Besnijdenis." is het antwoord.
"Oeioeioei," zucht de eerste, "ik had mijn besnijdenis bij de geboorte, ik heb zeker een jaar niet kunnen stappen!"